Vientiane

Vientiane, vrijdag 6 juni t/m maandag 9 juni

En dan is het tijd om door te reizen naar de hoofdstad van Laos, Vientiane. De busrit verloopt aangenaam en snel maar om een onduidelijke reden werkt en de airco niet (zoals verwacht) en kunnen ook de ramen niet open (balen!). Hierdoor loopt de temperatuur in de bus op tot extreme hoogte en is het water niet aan te slepen. Maar eind goed al goed, drie uur later staan we, zoals beloofd, in Vientiane. Omdat ons guidebook al zo'n vier jaar oud is en de accomodatie die beschreven staat toen al niet echt een aanrader was, besluiten we zelf op zoek te gaan naar een goede slaapplek. En dat dit niet gemakkelijk is in Vientiane blijkt al snel.

We lopen guesthouse in en uit maar vinden de een nog minder dan de ander. Naast het feit dat de bedden hard zijn en de kamers net gevangeniscellen zijn, zijn ook de prijzen belachelijk hoog. Voor onder de vijf dollar is niets te vinden, zo lijkt en wij zijn zeker niet bereid, zoals vele anderen wel zijn, twaalf dollar te betalen. Maar na twee uur zoeken worden we er moe van en nemen we toch een kamer voor vijf dollar die in ieder geval een goed bed heeft en schoon is. En zoals wel vaker vinden we dezelfde avond een paar woonblokken verder wel een kamer die echt voldoet aan onze eisen en zeker een aanrader is. In 'Xayo Guesthouse' laten we een reservering maken voor de dag erna.

Vientiane is een stad met een verleden. Waarschijnlijk was er in de tiende eeuw al sprake van een nederzetting op de linkeroever van de Mekong. Maar in 1563 werd het pas echt op de kaart gezet toen koning Setthathirat Vientiane bestempelde als de hoofdstad van zijn rijk. Toen nog geen Vientiane maar Wiang Chan, 'stad van de maan', geheten. In deze dagen was het een kleine versterkte stad op de oever van de Mekong, met een koninklijk paleis en twee wats, That Luang en Wat Phra Kaeo. Vandaag de dag is Vientiane misschien wel de meest charmante hoofdstad van zuidoost Azie. Lange tijd afgesneden van de buitenwereld en buitenlandse investeringen heeft ervoor gezorgd dat het merendeel van haar koloniale erfenis nog intakt is. Vientiane is nog steeds een geweldig rustige stad met haar brede beboomde boulevards, Franse villa's en boeddhistische monumenten.

De tweede dag tijdens ons verblijf in Vientiane besluiten we, nadat we van hotel zijn gewisseld, Wat Sisaket en Wat Phra Kaeo te vereren met een bezoekje. Beide zijn heden ten dage nationaal museum maar Wat Sisaket is ook vandaag de dag nog een dienstdoende Wat zo blijkt tijdens ons bezoek. Wat Sisaket is gebouwd in 1818 en is een van de meest belangrijke gebouwen in de stad. Het is de oudste Wat van de stad en heeft gelukkig in 1827 de vernieling van de stad door Thailand overleefd. Het bijzondere aan deze typische Lao Wat is dat het in de muren van het binnenhof duizenden nisjes heeft waar duizenden kleine beelden van de Boeddha in staan. In de kloostergangen zelf staan nog eens honderdtwintig grote boeddhabeelden. In de Sim (heiligdom), gelegen in het midden van het binnenhof, zijn in nisjes in het bovenste gedeelte van de muur nog eens 2052 boeddhabeelden, voornamelijk van terra, brons of hout gemaakt, te vinden. Samen met de vervaagde muurschilderingen, bladderend schilderwerk en de vele opgestapelde en rottende boeddhabeelden geeft het deze Wat een bijzondere sfeer en we zijn blij dat zulke belangrijke cultuurhistorische gebouwen te bezichtigen zijn. Tijdens ons bezoek wordt de Wat nog meer gekleurd door de aanwezigheid van zowel nonnen als monniken en zijn we er getuigen van dat een man van rond de vijftig jaar ingewijd wordt in het kloosterleven.

Zo ongeveer tegenover Wat Sisaket ligt Wat Phra Kaeo, tevens nationaal museum. In 1565 werd deze Wat gebouwd in opdracht van koning Setthathirat maar helaas werd deze in 1827 door Thailand niet gespaard tijdens de inname van de stad. In de jaren veertig en vijftig heeft men de oude Wat gereconstrueerd maar het enige originele aan de Wat zijn de fijne houtbewerkte deuren van de hoofdingang. Misschien door het feit dat de Wat nooit dienst heeft gedaan als klooster maar alleen werd gebruikt voor koninklijke religieuze doeleinden, of omdat het een kleurloze kopie is van het origineel, feit is dat we niet erg onder de indruk zijn. Wel huisvest de Wat een diversiteit aan Lao en Khmer kunst maar dit alles kan naar ons idee niet tippen aan de schoonheid van Wat Sisaket!
De rest van deze tweede dag in de hoofdstad van Laos dwalen we over de boulevards, bezichtigen we nog een aantal nieuwe en oude Wats en nemen we een kijkje bij That Dam, of de zwarte stupa. Aan het einde van de dag settelen we ons op een van de vele houten terrasjes langs de Mekong en genieten we van een biertje tijdens de zonsondergang boven de rivier.

Omdat Vientiane geenzins lijkt op Bangkok of elke willekeurige grote stad leent het zich prima om de stad te verkennen per fiets. De wegen zijn breed, er is weinig verkeer en de stoplichten zijn op een hand te tellen. Een fiets huren moet dan ook zo geregeld zijn, maar niet in Vientiane. De een vraagt teveel, de ander wil je paspoort als borg, of dertig dollar, en de volgende heeft er vandaag geen zin in. Maar we laten ons door dit alles niet uit het veld slaan en na lang zoeken zijn we de gelukkige tijdelijke eigenaren van twee metalen brikkies. Het is weer even wennen, niet het fietsen, maar wel het rechts rijden. Waar we in alle landen links moesten aanhouden geld hier weer de wet van het rechts rijden, verwarrend!

Als eerste zetten we vandaag koers richting het Anousavari Monument. Dit monument is het oosterse antwoord op de 'Arc de Triomphe'. Deze overwinningspoort werd gebouwd ter nagedachtenis aan degenen die zijn gesneuveld in de oorlogen voordat het communisme de overhand had. Maar voordat het monument zijn voltooiing bereikte bleek er een tekort te zijn aan cement. Men weigerde het bijltje erbij neer te gooien en confisceerde honderden tonnen cement van de Amerikanen die hielpen met de wederopbouw van het vliegveld. Tegenwoordig lijkt het eerder een hangplek voor jongeren dan een toeristische trekpleister. Het enige dat het ons dan ook kan bieden is een mooi uitzicht over Vientiane.
En een idee welke richting we op moeten fietsen willen we That Luang vandaag nog bewonderen. Frank's richtingsgevoel doet het altijd prima maar aangezien Frank's brikkie nog minder hard gaat dan die van Mijke, heeft Mijke vandaag de leiding en dat betekent doorgaans niet veel goeds. Maar we weten het monument te bereiken, niet helemaal dankzij Mijke's geweldige navigatietechnieken maar hoofdzakelijk door het feit dat That Luang nogal opzichtig is met zijn goudkleurige stupa en we het goud al van verre weten te ontwaren.

We wisten bovendien al hoe That Luang er uitziet want iedere Kip die je ontvangt of uitgeeft heeft er een afbeelding van. Als we het mogen geloven is deze stupa de meest belangrijke bezienswaardigheid van Vientiane en het heiligste boeddhistische monument in Laos. Maar we merken er bij That Luang niet zoveel van, er zijn amper gelovigen of bezoekers en de stupa leeft in onze ogen ook niet zo tijdens ons bezoek, hoewel het altaar vol ligt met offeringen, de wierrook brand en de omgeving van That Luang volgebouwd is met afgebouwde en onafgebouwde Wats. Toch zijn we onder de indruk van That Luang met zijn dertig meter hoge stupa met nog eens vele kleinere goudkleurige stupa's eromheen en zijn schattige kleine offertempels aan vier zijden; dit ondanks het feit dat het hele monument uit cement is opgetrokken.

Als we de terugweg inzetten zien we de lucht betrekken en de buien hangen: net voordat de hemel openbreekt weten we een Wat binnen te vluchten en dat is maar goed ook want de regen komt met bakken uit de lucht. Gelukkig duren deze buien gemiddeld niet langer dan een uur en samen met de tuinmannen van de Wat wachten we rustig tot de lucht weer opklaart. De nattigheid verdampt snel door de brandende zon en verregende kleding maakt plaats voor bezwete kleding.

Wij vervolgen onze weg en fietsen naar de 'morningmarket' die ondanks zijn naam de hele dag duurt. Deze markt, gesitueerd rond het lokale busstation, is een drukte van jewelste. Nu begrijpen we waarom Vientiane relatief weinig winkels heeft; op deze markt is alles te koop: groente en fruit, vlees, vis, en gevogelte, gereedschap, sierraden, apparatuur, kleding en zelfs electrische gitaren! We schuiven met de menigte mee over de openluchtmarkt met haar groente en fruit en door het gangenstelsel van de overdekte markt waar de minder vergaanbare artikelen te koop zijn. We vermaken ons prima en laten ons bijna verleiden een bedsprei aan te schaffen (toch maar niet).

Zoals wel vaker is gebleken zijn plannen veranderlijk, en zeker bij ons. In een creatieve en duidelijk reislustige bui hebben we besloten niet vanuit Laos Thailand weer in te trekken maar via de recent geopende grens tussen Laos en Cambodja, Cambodja in te reizen. Dat dit niet een van de gemakkelijkste routes is beseffen we maar het klinkt wel avontuurlijk. Maar voordat we onze plannen kunnen verwezelijken moeten we de vereiste visa halen.

Na bij verschillende bureautjes te hebben geinformeerd naar de prijs besluiten we zelf naar de ambassade te gaan, tien dollar voor de verleende service vinden wij iets teveel van het goede. De volgende dag staan we dan ook vroeg naast ons bedje en fietsen we, na dat we hebben ontbeten, richting de Cambodjaanse ambassade. De sfeer op de ambassade is erg gemoedelijk en relaxed en binnen vierentwintig uur kunnen we onze visa ophalen. De resterende tijd die we nog hebben in Vientiane gebruiken we om eens lekker te genieten van het eten, wat te wandelen en flink bij te slapen.