Siem Reap

Siem Reap, maandag 8 juli t/m zondag 13 juli

De dag erna vertrekken we zonder ontbijt want we gunnen de mensen van dit hotel het plezier niet nog meer aan ons te verdienen, en proppen ons met z'n vieren in een tuk-tuk die ons naar het centrum van Siem Reap brengt. Dat een goed hotel wat binnen ons budget past vinden moeilijk is ondervinden Mijke en Cindy al snel. Terwijl Frank en Steve op terrasje wachten (luie donders he?) gaan Mijke en Cindy op zoek naar geschikt accommodatie. Na lang zoeken keren ze terug met het slechte nieuw dat alles behoorlijk aan de prijs is. Met z'n vieren besluiten we nog wat verder te zoeken en gelukkig is de mazzel aan onze kant als we toch nog een goed guesthouse vinden. In het Get Lucky Guesthouse krijgen we na wat onderhandelen een prima kamer voor vier dollar. En een beetje 'lucky' voelen we ons wel want vier dollar is toch een stuk beter dan tien!

Siem Reap is een aandoenlijk klein stadje met oude Franse winkelpandjes, een gezellige centrale markt, brede boulevards en een smalle rivier die midden door het stadje loopt. Alleen de sjieke hotels en restaurant die in opmars zijn getuigen van een opkomende toeristische trekpleister daar Siem Reap de toegang is tot de bekende en haast ongeëvenaard genoemde tempels van Angkor. En dat is natuurlijk ook voor ons de reden Siem Reap aan te doen. Hoewel we ook uitgebreid de tijd nemen het stadje zelf te verkennen. Vooral de centrale markt is een gezellig samenraapsel van drukte, lokale bevolking, toeristen, en een onvoorstelbare grote hoeveelheid koopwaar. Van dekbedovertrekken, kussenslopen, houtsnijwerk, brons en zilver tot horloges, petten en zonnebrillen, alles lijkt hier te koop te zijn. Mensen hangen gezellig rond in een van de vele lokale eet- en drinkgelegenheden en de geuren van gekookt voedsel, gepeld fruit en allerhande soorten rauw vlees hangen in en rond het gehele marktcomplex.

Om toch nog enigszins te ontkomen aan de drukte en de sterke geur begeven we ons in een wat duurder en meer op toeristen gericht eettentje met geweldig gezellige Cambodjaanse meisjes die ons bedienen (Quick 7), met als enig nadeel de belachelijk hoge (dollar) prijzen. Niet dat dit eettentje daar het alleenrecht op heeft, integendeel. Uit verhalen van eerdere Cambodja-gangers weten we dat alles voor toeristen in Cambodja belachelijk duur is: hotels, toegangsprijzen, eten en vervoer. Qua prijzen waan je je haast in het westen, zeker omdat alle prijzen dollarprijzen zijn en de lokale Riel haast onbruikbaar lijkt te zijn (hoewel je er wel je dollarbedragen mee kunt betalen), terwijl de Cambodjaanse leefwereld op en top Aziatisch is.

Dat Cambodja tot de armste landen ter wereld behoort is goed zichtbaar. Mensen leven vaak in erbarmelijke omstandigheden hoewel de armoede in de stad minder zichtbaar is dan in kleine dorpjes (zo zullen we later zien). De straten liggen vol met afval en mensen leven er midden in. We zien veel bedelende kinderen, vaak ook nog zichtbaar bedwelmd door het snuiven van lijm. Ook het aantal oorlogsslachtoffers is ontzettend groot maar het is enigszins geruststellend dat de vele mensen zonder been, arm of nog erger door de duizenden en duizenden landmijnen die Cambodja helaas 'rijk' is, opgenomen zijn in de samenleving. Een land dat iedere dag nog landmijnslachtoffers heeft kan haast ook niet anders. Gelukkig zien we veel hulporganisaties, nationaal en internationaal, hun werk doen in Siem Reap hoewel we hopen dat deze organisaties hun hulp niet beperken tot toeristische trekpleisters als Siem Reap en Phnom Penh (want dat zou een beetje hypocriet zijn).

Maar al het leed maakt deze mensen niet wanhopig, zo blijkt. Het is prachtig om te zien hoe vrolijk en vriendelijk de Cambodjanen tegenover elkaar en tegenover toeristen zijn. Het is wonderbaarlijk hoeveel positieve emoties Cambodja en haar bevolking uitstralen, hoe graag ze de wereld willen laten zien dat het land een toekomst heeft en hoe open ze voor de rest van de wereld staan. Het is een volk dat veel armoede en oorlog heeft moeten doorstaan en recent nog een gruwelijk Khmer Rouge regime, en dat met moed en kracht hoopt op een betere toekomst. Heel heel erg indrukwekkend allemaal.

En dan is het woensdagavond eindelijk tijd om de indrukwekkende Angkor tempels te gaan bezoeken, of althans een begin eraan te maken. We laten ons met z'n vieren voor een zonsondergang brengen naar een van de vele tempels die Angkor rijk is, gelegen op een heuvel. En ook de volgende drie dagen brengen we gezamenlijk op Angkor door. De bezichtiging van het hele Angkor complex is moeilijk in woorden te vatten en heeft zichtbaar op iedereen een andere invloed en maakt een andere indruk. Geschiedkundige feiten laten we maar helemaal buiten beschouwing in ons verhaal daar de tempels zo groot in getal zijn en in de periodes waarin ze gebouwd zijn zo verschillend dat er geen beginnen aan is.

Onze eerste indruk is chaotisch en we voelen ons een beetje teleurgesteld door de eerste Angkor tempelaanzichten, daar Angkor door iedereen en overal zo fantastisch beschreven wordt dat je het gevoel krijgt dat de beschrijvingen mooier zijn dan de tempels zelf en dus lichtelijk overdreven. In dat opzicht wisten we al dat Angkor zelf in de werkelijkheid niet anders kon dan tegenvallen. We hebben allebei vooral moeite grip te krijgen op het tempelcomplex in het geheel daar de tempels ver uit elkaar liggen, omgeven zijn door bos en een uiterst charmante (NOT!) asfaltweg, met veel rondrijdende toeristen, de tempels met elkaar verbindt. Het is moeilijk voor te stellen dat de tempels een complex vormen (en dat doen ze dan waarschijnlijk ook niet) en allemaal tegelijkertijd actief waren (idem). Onze eerste indruk van de tempels die we op de eerste avond zien valt tegen. We rijden langs de meest belangrijke tempel van Angkor, de volgens vele ongeevenaarde Angkor Wat, op en ondanks dat het op het eerste gezicht geweldig groot is ziet het er toch niet zo overdreven spectaculair uit. En de bergtempel vanaf waar we onze eerste Angkor zonsondergang ervaren is te volgestouwd met mensen en nog meer mensen met fotocamera's om mooi te kunnen vinden. Is dit nou het beroemde Angkor tempelcomplex?

Maar de eerste volledige dag op Angkor wordt het beter als we de eerste teleurstellende indruk hebben kunnen laten zakken en we meer tijd en rust hebben en vinden. Nu pas beginnen we de tempels werkelijk te waarderen en onze chauffeur heeft een makkie aan ons omdat we maar weinig rondgereden hoeven te worden daar we bij iedere tempel uren ronddwalen. Deze dag volgen we het zogenaamde 'kleine circuit' dat iedereen kennelijk doet, alleen wij doen 'em in de tegenovergestelde richting om zo zoveel mogelijk mensenmassa's te ontlopen. Na de zonsondergang gisteravond op Phnom Bakheng doen we vandaag Sras Srang, Banteay Kdei, Ta Prohm, Ta Keo, de stad Angkor Thom en Angkor Wat aan.

En we hebben meteen al favorieten: we zijn diep, diep en diep onder de indruk van de door de natuur overgenomen en met immense bomen begroeide goed geconserveerde Ta Prohm tempel. En ook de toegangspoort tot Angkor Thom met z'n honderden menselijke afbeeldingen die een grote Naga (mythische slang) dragen langs beide kanten van de weg is prachtig. Tot slot zijn we ook onder de indruk van de Bayon binnen de muren van de tempelstad Angkor Thom. Het Bayon is een geweldig complex met haar vierenvijftig gotische torens. Misschien wel het fraaiste aan dit bouwwerk is dat hoe hoger je je via een van de vele trappen begeeft des te meer uit steen gehouwen gezichten van de Bodhisattva (een Boeddha die zijn eigen verlichting heeft uitgesteld om andere mensen te helpen de verlichting te bereiken) van het medelijden je waarneemt, tweehonderdzestien in totaal, die op elke toren vier maal immens groot aanwezig zijn.

Op het moment dat wij bij het verlaten van dit geweldige monument een foto willen nemen van een Boeddhistisch altaartje vindt een Cambodjaanse vrouw het duidelijk nodig in ons beeld te gaan staan en zelfs haar hand in het gezicht van de Boeddha te drukken en vervolgens te weigeren aan de kant te gaan tenzij tegen betaling. Veertig dollar toegang lijkt ons meer dan voldoende en we vragen haar nu een stukje minder vriendelijk een paar stappen opzij te doen, iets dat ze uiteindelijk alleen na veel moeite doet. We zijn altijd bereid mensen wat geld te geven maar niet op deze manier….

Na nog wat kleinere complexen te hebben bezichtigd sluiten we de dag af met een bezoek aan de magnifieke Angkor Wat. Net ons geluk, Angkor Wat staat voor een deel in de steigers waardoor het bekijken van de bouwwerk en mooie foto's maken flink vermoeilijkt wordt. Angkor Wat is zo groot dat we er vandaag alleen een beetje verdwaald doorheen lopen en door de vermoeidheid krijgen we geen grip op het complex. Als we dan ook nog gemaand worden het complex voor zonsondergang te verlaten besluiten we morgen zeker terug te komen om er goed de tijd voor te nemen.

Bij terugkomst in het hotel beginnen we ons flink te ergeren aan het personeel. Elke morgen en avond vragen ze ons keer op keer waar we naartoe gaan, waarom we niet in hun restaurant eten en waarom we geen gebruik maken van hun 'remorque-moto' (een motor met een koetsje erachter). Voor de zoveelste keer vertellen we ze dat we ons geld graag gespreid uitgeven en dat we, voor de drie dagen dat we Angkor bezoeken, al een remorque-moto op straat hebben geregeld omdat deze simpelweg goedkoper is.

De volgende dag gaan we dus lekker ontbijten in de stad waar onze chauffeur ons om negen uur komt oppikken voor onze tweede dag Angkor. Op deze dag zullen we Preah Khan, Preah Neak Pean, Ta Som, Eastern Mebon, Pre Rup en Angkor Wat aandoen. De eerste tempel die we vandaag aandoen, Preah Khan, scoort goed op ons lijstje met favorieten en verdient zeker een plaatsje in de top drie. Preah Khan is een van de grootste complexen van Angkor maar heeft toch haar intimiteit behouden. Ondanks dat er hard aan deze tempel gewerkt wordt om haar voor verder verval te behoeden is toch nog een groot deel overgroeit met jungle. Wij zijn onder de indruk van het fraaie beeldhouwwerk en dwalen lange tijd door de vele smalle gangetjes die de tempel rijk is. Dat de jungle een vernietigende kracht uitgeoefend heeft op het complex blijkt als we de oostpoort bereiken waar twee metershoge bomen door het complex heen omhoog geschoten zijn en de muren overgroeid zijn met dikke wortels, als je nog van muren kan spreken. Ook de volgende vier complexen die we aandoen zijn stuk voor stuk bijzonder en hebben hun eigen charme.

Nadat we Pre Rup hebben bezichtigd willen we met z'n vieren het liefst naar Banteay Srei, door vele gezien als de parel van de Angkoriaanse kunst. Omdat dit complex zo'n vijftien kilometer verderop ligt zijn we natuurlijk bereid onze chauffeur te betalen voor de extra kosten. Maar helaas, als we onze chauffeur, de beste man, vragen hoeveel het kost krijgt hij duidelijk dollartekentjes in zijn ogen en noemt het bedrag van vijftien dollar. Dat vinden we allevier echt teveel van het goede en noodgedwongen besluiten we dus de dag maar af te sluiten met een laatste bezoek aan Angkor Wat, waar we vandaag dan in ieder geval wel genoeg tijd voor hebben. In alle rust bekijken we het complex en we zijn wel degelijk onder de indruk. De steengraveringen zijn uitermate spectaculair, bijzonder goed geconserveerd en zeer fijn. Het gehele monument is toch zeker wel een meesterwerk te noemen! Onder het genot van een Angkor biertje in een lokaal restaurantje bespreken we later op de avond met onze Britse vrienden onze ervaringen en maken we een plan voor onze laatste dag Angkor. Maar dat is morgen, nu eerst nog een biertje!

Onze derde dag op Angkor, helaas ook onze laatste, besluiten we te besteden aan het bezoeken van de ten oosten van Siem Reap gelegen Roluos groep. Onze chauffeur zet ons achtereenvolgens af bij de tempelgroep Lolei, Preah Ko en Bakong. Hoewel het tevens interessant is deze pre-Angkoriaanse eerste Khmer tempels te bezichtigen omdat ze hoofdzakelijk van baksteen zijn gemaakt, genieten we vooral van de uitzonderlijke maar moderne Wat bij Bakong. Twee zeer vriendelijke jonge monniken staan ons te woord en hoewel hun Engels minimaal is en ons Khmer niet verder komt dan 'suasedei' (hallo) en 'auwkon' (bedankt) hebben we met z'n vieren een leuke conversatie. De kleuren van de Wat waar ze studeren zijn grappig, anders dan we tot nu toe gewend zijn van Wats. Overal vrolijke pastelkleuren en de meest prachtige muurschilderingen, geweldig om deze Wat te mogen aanschouwen. En het is al helemaal indrukwekkend als de monniken samen met hun broeders de plaatselijke vijver (van enorme afmetingen) gaan ontdoen van planten. We hebben een topdag.

Op deze laatste dag Angkor zwichten we ook voor de tweede maal voor de verkooppraatjes van een van de vele verkopertjes die er rondlopen. Deze meisjes, in leeftijd variërend van vijf tot vijftien jaar, begroeten je van meters afstand met zinnetjes als 'hello mister, you buy softdrink, postcard, very cheap!'. Op onze eerste dag hadden we een gids over Angkor gekocht en op onze laatste dag maken we een klein meisje erg gelukkig door ansichtkaarten bij haar te kopen en later bij een ander meisje wat sjaaltjes.

Omdat we alle indrukken moeten laten bezinken en we na drie dagen tempels bekijken wel wat moe zijn geworden besluiten we nog een dag extra in Siem Reap te blijven. Beide besluiten we naar de kapper te gaan waar onze kapsels voor een dollar nauwkeurig weer in model worden geknipt. En we bezoeken een miniatuur van Angkor Wat. Deze kleinere versie ligt bij een inwoner van Siem Reap in zijn tuin en geeft een goed overzicht van het complex. Geweldig trots als de kunstenaar is op zijn werk leidt hij ons rond, laat vele foto's zien van prijzen die hij gewonnen heeft en is al helemaal trots dat zelfs de koning een bezoekje heeft gebracht aan zijn tuin. Wij vinden het ook prachtig en zijn nog eens blij verrast als hij ons als kadootje een stukje (namaak) Bayon geeft.


Omdat het gezeur in het hotel maar niet ophoudt besluiten we met z'n vieren onze buskaartjes voor de volgende dag deze keer wel in het hotel te boeken daar deze hier niet duurder zijn en de bus ons voor de deur komt oppikken, tenminste zo wordt ons beloofd. Morgen zullen we ondervinden of belofte schuld maakt.