Mount Lavinia

Mount Lavinia, maandag 16 september 2002

Omdat wij Kandy nu wel gezien hebben is het tijd om verder te reizen. We willen naar de zuidkust van Sri Lanka trekken maar voordat we daar zullen aankomen moeten we eerst naar Colombo om een visum voor India aan te vragen. Omdat we al eerder door Colombo zijn gereden met de bus, en vele mensen het afraden in Colombo te verblijven, zien wij hier ook vanaf. Want als je kan kiezen tussen een stinkende metropool of een klein rustig dorpje op 15 minuten afstand dan is de keuze snel gemaakt. De trein reis naar Colombo Fort loopt voorspoedig en netjes op tijd staan we op het station te wachten op de trein naar Mount Lavinia, volgens de reisgids een plezierige plaats om te verblijven, weg van het lawaai en drukte van Colombo.

En toen begon de nachtmerrie. De trein die ons naar Mount Lavinia zal brengen lijkt van binnen op een metro, met veel sta-plekken. Op het moment dat wij (met onze rugzakken) instappen zit de trein al vol, maar zoals altijd wordt er onderweg meer en meer bijgepropt. Mensen staan echt op elkaar geplakt, hangen met bosjes uit deuren en ramen en daar ergens in het midden staan wij. Geduw en getrek aan alle kanten en dan maar zorgen dat je blijft staan met die rugzak. Buiten het feit dat dit absoluut geen pretje is, begonnen we ons toch een beetje zorgen te maken hoe we straks uit deze mensenmassa moesten komen, en misschien wel daarom stonden we na een hoop geduw, getrap en nog meer geduw en getrap op een station twee stoppen voor Mount Lavinia. Maar gelukkig wel weg uit de drukte.

Helaas duurde dat maar even. Omdat de tuk-tuks belachelijke hoge prijzen vroegen om ons naar onze bestemming te brengen besloten we ons wat meer naar het centrum van dit 'dorpje' te bewegen. Al snel kwamen we op een toe- en afstroomader van Colombo uit, waar de vele auto's, bussen en vrachtwagens stinkend over de weg kropen op weg naar hun bestemming. We hadden gehoopt wat verder van het station goedkopere tuk-tuks te vinden maar alweer helaas, de chauffeurs willen ons niet eens brengen. Na een aardige wandeling vinden we dan toch een karretje die ons wil brengen en moe ploffen we op het bankje neer, hopend dat vanaf nu alles beter gaat.

In Mount Lavinia aangekomen struikelen we zowat over de guesthouses en vol goede moed stappen we bij de eerste naar binnen: vieze kamers, kapotte of slechte wc, smoezelige lakens en dat voor een flinke prijs. Nee bedankt, we zoeken nog even verder. De tweede te duur, de derde te vies, de vierde in een café, en zo gaat het door. Vermoeid lopen we door de stad, weer overal bussen, vrachtwagens, auto's en tuk-tuks, natuurlijk gepaard met getoeter en uitlaatgassen. Waar is het rustige dorpje uit het boek gebleven? Uiteindelijk wijst iemand ons op een familieguesthouse waar we eindelijk een kamer vinden. Na de bagage te hebben gedropt gaan we op zoek naar een plek om te eten. Niet te vinden! Leuk dorpje, goed voor het humeur. Dan maar de suup punderen en daarna slapen om deze dag snel te vergeten.