Orchha, zaterdag 15 februari t/m donderdag 20 februari
'Highly picturesque, in the middle of nowhere,
abandoned and somewhat neglected' staat er geschreven over het minidorpje
Orchha in onze reisgids. Goed, dat klinkt goed, daar moeten we naartoe, zeker
na alle hectiek en vuiligheid van het grote Agra. Twee straten, een fort,
een Ram-tempel (de enige tempel in India waar Ram, incarnatie van Vishnu,
wordt aanbeden als een godheid zelf!) met pleintje en een handvol door bos
omringde monumenten, meer heeft Orchha eigenlijk niet. Maar voor ons en een
handjevol andere toeristen is het voldoende want de stilte en de rust die
het dorpje uitstraalt heeft ons meteen al in zijn greep.
Na wat gezoek hebben we naar ons idee het
beste budgethotel ('Shri Mahant') gevonden, gelegen in het kloppende hartje
van dit bijzondere dorpje. Het hotel ligt in een druk straatje tegen de toegangspoort
aan van het tempelplein en op het balkon is het leuk om alle bedrijvigheid
op straat te aanschouwen. Al dwalend door de straten, langs het fort, felgekleurde
tempels en bananenbomen, komen we bij de Betwa-rivier aan. Fraai is het om
te zien dat bij de brug die de oevers met elkaar verbindt, een echte (!) saddhu
zich in een hutje heeft gevestigd en aldaar elke avond zijn wijsheden deelt
met de mannelijke inwoners van Orchha. De Betwa-rivier is een frisse blauwe
stroom die tussen rotsblokken en heilige rotsafbeeldingen doorstroomt. Aan
de andere kant van de rivier begeven we ons stiekum in een stukje National
Park waar we echt de rust vinden, al zittend langs het stromende water, genietend
van het uitzicht op de 'Royal Chhattris' en de zwemmende koeien bewonderend;
we wisten niet dat deze dieren zo goed konden zwemmen. Wat kan de wereld toch
prachtig zijn, we wanen ons terug in de tijd, geen verkeer of geluid behalve
het kabbelde water, zingende vogels en de zachte wind, het uitzicht op middeleeuwse
bouwwerken, hier willen we blijven!
De 'Royal Chhattris' zijn paviljoenen met
koepelvormige daken, maar ons doen ze vooral denken aan paleizen of kastelen.
Ooit stonden er vijftien van deze geweldig imposante bouwwerken aan de ghats
van de rivier, maar heden ten dage zijn er nog enkele over die in redelijke
staat verkeren en 'vrij' toegankelijk zijn. Het mooie aan veel monumenten
in India is wel het feit dat je alles mag beklimmen en onderzoeken. Helaas
zijn er mensen die misbruik maken van deze vrijheid door in de muren van deze
gebouwen uit het verre verleden hun naam of initialen te krassen. Wij bekijken
de gebouwen met bewondering en verbazen ons dat ze de tands des tijds redelijk
doorstaan hebben. Dat er geen mensen meer in wonen mag duidelijk zijn maar
verbaasd zijn we als we ontdekken dat zich tientallen roofvogels met een spanwijdte
van zo'n twee-en-een-halve meter hebben gevestigd in deze gebouwen. Dat is
even schrikken, als het licht je wordt ontnomen door het overvliegen van een
van deze roofdieren. Maar dat er nog meer vreemde vogels, op de groene parkietjes
na, ronddwalen rond de 'Chhattris' merken we snel. Een fraai uitziende saddhu
poseert vrijwillig voor een foto, maar vrijblijvend is dit niet, blijkt snel.
De beste man wil hiervoor maarliefst tien roepie en de twee die we hem geven
wordt met een blik van afkeer in het stof geworpen. Tja, er zijn zelfs mensen
die misbruik maken van het geloof, die zich voordoen als heilig man in plaats
van zakenman!
Ondertussen is het in Orchha een vrolijke
boel geworden met veel gekleurde lichtjes, mooi gekleedde mensen en muziek,
dit allemaal voor een aankomend huwelijk. Leuk om te zien, en de muzikale
optochten die dagelijks worden gehouden blijven aanhouden tot diep in de nacht.
De schoonheid van Orchha is vooral te danken aan de Bundelaheerser Raj Rudra
Pratap die deze plek uitkoos voor zijn hoofdstad, om de schoonheid van de
omgeving en omdat het makkelijk te verdedigen was door haar ligging op een
eiland in de Betwa-rivier. Het middeleeuwse fort is te bereiken via een fraaie
zeventiende eeuwse granieten brug, en eenmaal binnen de muren waan je je in
een andere tijd. Hier liggen tuinen, toegangspoorten, paviljoenen, paleizen
en tempels. Ook hier is na betaling alles weer vrij te bezichtigen en staat
niemand je in de weg de gebouwen te ontdekken en te beklimmen, dit is waar
we van houden. Jammer van de 'mad monkeys' die het op ons voorzien hebben.
In de buiten de muren gelegen graanvelden liggen nog een tiental tempels verscholen.
We wandelen tussen de akkers en velden door, wat koeien opjagend, en we genieten
van de groene natuur.
Leuk is ook hier weer om te zien hoe anders
men in India omgaat met cultureel erfgoed. Onze verbazing is groot als we
ontdekken dat een voormalige tempel door lokale mensen wordt bewoond en de
binnenplaats tegenwoordig dienst doet als koeienstal. Bij terugkomst eten
we bij 'Ramraja' en vermaken ons de rest van de avond door het zoontje van
de eiganaresse te leren kaarten; niet dat hij het echt snapt met zijn acht
jaar maar we hebben er met z'n drieen veel plezier in.
We zijn erg blij Orchha op onze route te hebben aangedaan en we vinden het
een van de hoogtepunten van onze reis door het noorden van India.
Khajuraho, vrijdag 21 februari t/m vrijdag 28 februari
En toen viel ons plan gigantisch in duigen!
Misschien hadden we `s morgens in Orchha iets minder lang moeten tutten bij
vertrek, feit is dat we te laat op het dichtsbijzijnde treinstation Jansi
arriveren. Te laat om de trein te nemen naar Sanchi, te laat voor een bus
naar Khajuraho. We hadden het plan al aangepast want onze eerste opzet was
in Jansi te overnachten om een treinkaartje voor de dag erna te bemachtigen,
en dan richting Sanchi af te reizen. Jammer dat we werkelijk geen enkel guesthouse
kunnen vinden in Jansi waar we ons prettig voelen, om over de belachelijk
hoge prijzen nog maar te zwijgen. Naar heel wat rondgetoer in een tukje geven
we het op en besluiten we dan maar meteen per trein verder te reizen. Dat
mislukt dus ook gigantisch want we hebben en geen treinkaartje en de trein
vertrekt pas zo laat in de middag dat we dan laat in de avond in Sanchi aankomen,
en dat is weinig aantrekkelijk.
Maar plannen zijn al net zo snel hersmeden als ze gebroken zijn en voor we het weten zitten we met twee mede-backpackers is een sjieke (maar oerlelijke!) taxi, op weg naar Khajuraho, daar er `s middags geen bussen meer rijden naar dit plaatsje. Het ligt wel kats de andere kant op dan Sanchi maar je wordt erg flexibel als je reist per openbaar vervoer door India. Het is wel de eerste keer dat we per dure taxi rijden, maar erg veel anders konden we niet. Doordat we de kosten met z'n vieren delen en we erg veel tijd steken in afpingelen vallen de kosten per persoon gelukkig nogt mee (300 roepies, zo`n 7 euro). Leuk is het wel om voor een keertje een auto en chauffeur voor jezelf te hebben, maar we zijn blij als we op de plaats van bestemming aankomen, want ook bij privevervoer worden de beloofde drie er zo'n vijf.
Wel zijn we erg gelukkig dat we een keertje
de makkelijk weg hebben gekozen want we zijn er wel goed in geworden, om de
kosten te drukken, de meest moeilijke manier van reizen te nemen.
Nu we zo duur hebben gedaan vinden we allevier dat we een goedkope kamer moeten
zoeken, en, hoewel we nog goedkopere kamers aangeboden hebben gekregen, kiezen
we uiteindelijk voor een kamer van maarliefst 60 roepies (1,25 euro) in `Yogi
Lodge`. Het stadje is zo toeristisch dat dergelijke goedkope deals makkelijk
gesloten zijn, de concurrentie is er namelijk moordend. Dat de concurrentie
tussen hotels groot is mag duidelijk zijn, en je zou bij restaurants hetzelfde
verwachten; wie heeft de laagste prijs of het lekkerste eten? Maar helaas,
sinds we in het noorden van India zijn lijkt het steeds moeilijker Noord-Indiaas
eten te vinden dat niet flauw of waterig is, en dat geldt zeker voor Khajuraho.
Het ene restaurant serveert nog slechter eten dan de ander, en het duurt dan
ook lang voordat we een geschikt tentje vinden.
Dat Khajuraho zo toeristisch is heeft zo zijn
voor- en nadelen. Alles is relatief goedkoop, kamers, eten, internet, en alom
aanwezig. Zelfs op artikelen als wc-papier valt flink af te dingen, omdat
de angst zo groot is dat je anders bij de concurrent gaat shoppen. Maar gepaard
met dit alles gaat ook het vele geprobeer je van alles en nog wat aan te smeren,
iedere dag opnieuw. Het stadje ligt tevens vol met `westerse` afvalbulten
die weliswaar goed weggestopt zijn achter hoge muren of op plaatsen waar het
minder zichtbaar is, maar het is schokkend om te zien dat er zoveel, voornamelijk
plastic afval wordt geproduceerd en dat er mensen zijn die zowat leven tussen
deze bergen. De mentaliteit `uit het oog, uit het hart` lijkt veelvuldig gehanteerd
te worden door hotel- en restaurantpersoneel, en tevens door de toerist zelf.
Ook al doe je hard je best zo min mogelijk afval te produceren, je ontkomt
er gewoonweg niet aan mee te bouwen aan de duizenden kleine afvalstortplaatsen
die iedere Indiase stad `rijk` is, treurig maar waar. Het is dan ook niet
vreemd dat al deze voor- en nadelen ons verblijf in een dergelijk toeristisch
stadje als Khajuraho, gelegen in de middle of nowhere, ons een beetje gemengde
gevoelens geven. Het is zo af en toe wel lekker makkelijk, maar het gevoel
van het `echte` India is grotendeels verdwenen, mede veroorzaakt door het
feit dat iedere dag tientallen luxe bussen met nog meer toeristen in het dorpje
arriveren en de tempels letterlijk bestormen.
Het meest irritatie-opwekkend is nog wel de
invasie van Koreanen. Sinds we in Noord-India zijn lijken ze werkelijk overal
en nergens in grote getalen op te duiken. Zo ook in Khajuraho, waar ze niet
meer uit het straatbeeld weg te denken zijn, zo blijkt. Overal hangen aanplakbiljetten
met Koreaanse teksten, hele menu's zijn vertaald in het Koreaans en specifieke
Koreaanse maaltijden zijn werkelijk in alle restaurants te verkrijgen. De
grootste ramp is echter nog dat ze stuk voor stuk, uitzonderingen daar gelaten,
hondsbrutaal zijn, geweldig luidruchtig en ook nog eens voorgetrokken worden,
keer op keer opnieuw. Oke, ze brengen inderdaad veel meer geld in het laatje
dan wij dat doen maar we balen er echt van dat we overal uren moeten wachten
op onze maaltijd terwijl de Koreanen binnen 'no time' eten op tafel hebben
staan. We geven wel toe dat ze erg vermakelijk zijn, zo vinden ook de Indiers!
Maar we zijn niet voor niets naar Khajuraho gekomen en de kleine ergenisjes
vallen nog meer in het niet bij de geweldige tempels van Khajuraho.
We vinden het een beetje misleidend deze tempels
te bestempelen als erotisch omdat het werkelijke aantal erotische afbeeldingen
zeer klein is, maar dat maakt ze niet minder prachtig en ze zijn niet voor
niets een 'World Heritage Site'. De eerste dagen bezoeken we de buiten het
dorpje gelegen tempelgroepen. Omdat de afstanden te groot zijn om per voet
af te leggen huren we twee fietsen en staan we sinds maanden weer eens op
de pedalen! Het fietsen over het Indiase 'platteland' en door dorpjes heen
is een echte verademing en overal kunnen we rekenen op een warm onthaal. De
tempels zijn (zoals altijd) prachtig, maar het fietsen op zich vinden we nog
wel het leukste! Na een van de laatste tempels te hebben bezocht worden we
thuis uitgenodigd door een man en zijn familie, voor de gezelligheid en om
ons misschien wat te verkopen. De man is erg hartelijk en we genieten van
zijn verhalen en zijn lekkere fruit. Uiteindelijk kopen we enkele koperen
items uit de streek en als bedankje krijgen we er nog eens een stapel spulletjes
bij, plus natuurlijk een 'blessing' voor de rest van de reis!
Ook hier bewaren we de belangrijkste trekpleister
tot het laatst. Niet dat we nog niets gezien hebben van deze tempelgroep,
integendeel. Doordat de 'Westgroup' in het hartje van Khajuraho ligt (of ligt
Khajuraho om de tempelgroep?) kun je er van alle kanten op uitkijken. Maar
het fraaiste aan deze tempels is natuurlijk het beeldhouwwerk en om dit goed
te kunnen bezichtigen moet je er met de neus boven opstaan. Zo 500 roepies
armer staan we uiteindelijk in de tuinen van de tempels; weg drukte, weg hasslers,
welkom rust en schoonheid. We bekijken de tempels met bewondering en verbazen
ons ook nu weer over de fijn uitgehouwen friezen en mooie sculpturen, maar
het feit dat we al vele tempels gezien hebben maakt de impact kleiner. Hoewel
we de tempels niet bijzonder erotisch vinden is wel het gehele complex bijzonder,
want waar liggen nu zoveel tempels bij elkaar in zo'n vredige setting?
We hebben veel geluk dat we net ten tijde
van het jaarlijkse dansfestival Khajuraho bezoeken, waardoor we een week lang
de mogelijkheid hebben verschillende wereldberoemde traditionele danseres
en danseresen te aanschouwen onder geweldige musikale begeleiding het tempelcomplex
in de avond verfraaien.
In het restaurantje waar we dagelijks ons
ontbijtje naar binnen werken vinden we in de eigenaar een goede speelpartner;
zo leert hij ons Indiase kaartspelletjes en krijgen we van hem een ludospel
(oftewel de Indiase versie van 'mens erger je niet'). Van deze spelletjes
hebben we veel plezier, we spelen deze tot in de late uurtjes.