Luang Prabang, dinsdag 27 mei t/m zondag 1 juni
Een tweede dag varen over de nog steeds wonderbaarlijk mooie Mekong (maar nu in een iets sjiekere en ruimere sloep - lag leve brutale Mijke en Frank!) brengt ons aan het einde van de dinsdagmiddag in de even zo wonderbaarlijke stad Luang Prabang. Hoewel de beschrijving 'een van 's werelds mooiste steden' misschien wat overtrokken mag zijn is het stadje een waar juweeltje in het overigens al zo geweldig mooie en bijzondere landschap dat eigen is aan Laos.
Wat een leegte en wat een onaangetast natuurschoon
herbergt het landschap rondom de bruingekleurde en grootse Mekong, en wat
een schatje van een stadje is het Luang Prabang dat op een van haar oevers
ligt. Kleinschalig, stoffig en voor een groot deel ongeasfalteerd (hoewel
er wel hard aan de wegen wordt gewerkt) ligt het lieflijke stadje met haar
koloniale invloeden in een omgeving vol met groene natuur. De Franse invloeden
zijn ook vandaag de dag nog merkbaar, niet alleen in de op alle straathoeken
verkrijgbare baguettes maar met name in de quasi Franse quasi Lao villa's
en huisjes die door heel Luang Prabang te vinden zijn en die het stadje een
levendige historische sfeer en relaxte atmosfeer geven. Samen met het lekkere
eten en haar vriendelijk inwoners maakt het het alweer een bijzonder stadje
waarin wij ons in de toekomst graag zouden willen vestigen. Gelukkig is het
stadje een 'World Heritage Site' en doen zowel de UNESCO als de inwoners hard
hun best het stadje aan haar pracht ook in de toekomst in deze staat te behouden,
want het zou eeuwig zonde zijn als Luang Prabang verloren gaat in deze tijd
van opkomend kapitalisme in Laos.
Bij aankomst in Luang Prabang besluiten we
uitgebreid de tijd te nemen het stadje te bewonderen. We vinden dat we het
maar goed getroffen hebben en dat het geluk op onze hand is: het Laos dat
we tot nu toe hebben leren kennen is prachtig, we hebben een beter gevoel
dan in Thailand, het weer is geweldig zonnig en warm en op het balkonnetje
van het guesthouse waar alleen wij te gast zijn is het heerlijk vertoeven.
Het bier smaakt goed (even wennen voor als we straks weer thuis zijn) en we
doen hard een poging even laidback te zijn als de Lao zelf (en dat valt niet
mee, relaxen, socializen en bier drinken gaan hier dag in dag uit hand in
hand).
De eerste dagen maken we uitgebreide wandeltochten door het stadje heen en bewonderen we de zeer uiteenlopende stijlen villa's en huisjes varierend van traditionele Lao huizen tot moderne internationale huizen, veelal een vermenging van Lao, Franse en internationale stijlen en allemaal op hun eigen manier prachtig; zeker in het kader van de pracht van heel Luang Prabang. Na al de Thaise Wats bekijken we natuurlijk ook de Lao Wats met haar felle kleuren, imposante tegeldaken, houtsnijwerken, beschilderingen en mozaieken. Helaas zijn veel Wats gesloten en kunnen we ze alleen van buiten bekijken hoewel dit niet betekent dat het boeddhisme in Laos niet langer meer leeft. Integendeel, overal waar we kijken zien we monniken en monnikjes in oranje- en bruingekleurde gewaden die maar al te nieuwsgierig zijn naar de buitenlanders die hun Wats bezoeken.
We merken al meteen dat het ook in de Wats
relaxed aangaat in vergelijking met het wat strenger georganiseerde Thailand;
monniken hangen ook maar wat rond en de Wats zijn architectonisch wat vrijer,
minder strak ingedeeld, zo lijkt het in onze ogen tenminste.
We bezoeken ook het koninklijke paleis, relatief klein maar geweldig mooi
en sober. We zien de koninklijke vertrekken en de grote collectie giften aan
de keizer van over de hele wereld, onder andere een stukje steen van het maanoppervlak
geschonken door de VS. Vanaf de Phousi-berg die er tegenover ligt hebben we
een mooi uitzicht over Luang Prabang en haar omgeving. En we ontdekken Luang
Prabang's geheime wapen dat we blijkbaar niet mogen fotograferen, hoewel het
overduidelijk in ieders zich ligt: een eenbanige luchthaven. Het geheime eraan
is ons niet echt duidelijk!
Een van onze laatste dagen in Luang Prabang brengen we een bezoekje aan de Pak Ou grotten. We kiezen voor een tuk-tuk als vervoermiddel in plaats van de romantisch klinkende maar zo onderhand een beetje saai wordende boot. Zo zien we ook nog een beetje weglandschap ter afwisseling van het waterlandschap van de afgelopen reisdagen. Gedurende de eerste kilometers die we afleggen hebben we niet zo door waarom reisgidsen de wegen in Laos zo slecht noemen; de weg onder ons is in prima staat en nog geasfalteerd ook. Maar als we van de grote weg afgaan en we denken dat we er dus bijna zijn merken we pas echt hoe comfi de wegen kunnen zijn; vele kilometers land crossen we langs de rivier over een hobbeldebobbel zandweggetjes, iets dat onze chauffeur kennelijk heel normaal vindt en zijn al zo rammeldende karretje met veel plezier aandoet. We zijn lichtelijk opgelucht als we arriveren bij een bootje dat ons naar de Pak Ou grotten brengt, gesitueerd in een kalksteen-achtige klif (waarvan er hier ontelbaar veel zijn, zowel kliffen als grotten).
Wat deze grotten, twee in getal, Tham Thing
en Tham Phum, zo bijzonder maakt zijn de duizenden boeddhabeelden, varierend
van milimetersklein tot metershoog, die in de grotten staan en liggen - naar
men zegt vijfentwintighonderd in de lagere grot en vijtienhonderd in de hogere
grot. De grotten worden ook geassocieerd met geesten (phi) aanbidding voor
de komst van het boeddhisme in Laos. De grotten, door de lokale bevolking
ook vandaag de dag nog geassocieerd met (bescherm)geesten, werden jarenlang
bewoond door monniken maar nu staan er 'alleen' nog de duizenden boeddhabeelden
die er door de tijd heen meer en meer worden. De grotten zelf zijn al indrukwekkend
genoeg om te zien maar al die boeddhabeelden - sommige onaangetast, andere
voor een groot deel vergaan - maken de grot onbeschrijflijk, apart en sfeervol.
Een prachtig gezicht en een bijzonder uitje, ook door de geweldige omgeving
waarin de grotten gesitueerd zijn!
We sluiten de dagen af met een zonsondergang aan de Mekong, gezeten op een terrasje langs de rivier met veel gezelligheid, heerlijk eten en goed gezelschap. Beter kunnen we het ons niet wensen en we kijken terug op geweldig romantische en onvoorstelbaar mooie dagen in het bloedje mooie (en bloedje hete) Luang Prabang. Een unieke ervaring.